Coronacrisis in Nepal

Inmiddels is het 7 jaar geleden dat wij in Nepal waren, maar nog iedere dag word ik geconfronteerd met dit prachtige land. Er hangt een enorme foto in onze woonkamer (144cm) en nog diverse andere grote canvasdoeken elders in het huis.

Nepal is een land dat vele uitdagingen kent. Een uitdagend klimaat met droge periodes en moesson. De combinatie van droogte, moesson en extreem hoge bergen maken het moeilijk om het land te bewerken. Wegen spoelen jaarlijks weg, erosie is een groot probleem. Daar komt bovenop dat Nepal ingeklemd ligt tussen 2 grootmachten: India en China. Beiden proberen hun invloed uit te breiden door het bouwen van stuwdammen bijvoorbeeld.

Maar nu heeft het land een nieuwe uitdaging: de coronacrisis. Ik las hier recentelijk een interessant artikel over in een (voor mij lokale) krant: Coronacrisis in Nepal.
De eerste golf ging grotendeels voorbij aan de Nepalezen. Wellicht speelde hier hetzelfde als in India: een jonge bevolking, relatief weinig overgewicht en andere factoren. Wie hier oud wordt, heeft sowieso een goed immuunsysteem. Als je in deze landen boven de 80 bent, is corona wellicht het minste van je zorgen. Maar in de (voor hun) tweede golf lijkt alles anders.

De tegenstelling in rijk & arm zijn enorm in landen als Nepal. Een test is niet gratis en kost 30 EUR. Dat is net zo duur als de hoogte van het gemiddelde maandsalaris. Een ziekenhuisopname kost per dag bijna een jaarsalaris – en de minimale verblijfsduur op de IC schijnt 4 dagen te zijn.

De lage cijfers in Nepal hebben dan ook weinig te maken met het afwezig zijn van de ziekte, maar met het gebrek aan (betaalbare) testcapaciteit. Hoe erg de ziekte werkelijk om zich heen grijpt is dan ook nauwelijks in kaart te brengen. Mijn vrees is dat dit land symptomatisch is voor andere ontwikkelingslanden. Lage besmettingscijfers zeggen niets, als er niet getest kan worden. Lage sterftecijfers zeggen niets als er geen rapportages zijn die doodsoorzaken correleren.

Veel arme landen zijn sterk afhankelijk van het toerisme. Zonder toerisme geen geld. Zonder geld geen testen & vaccins. Zonder vaccins waarschijnlijk jarenlang een oranje status in de reisadviezen. En met een oranje status geen toeristen. En dus geen geld.

De Dutch Bakery in Kalepani

Mijn Odlo-jasje gaat er aan!

Met de warmte in februari heb ik mijn favoriete Odlo-jasje uit “de mottenballen” gehaald. Deze heb ik in de winter namelijk niet aan, want deze is nogal dun. Het is een typisch voorjaarjasje: in de winter is het te dun, in de zomer draag ik doorgaans geen jas.

Maar het viel me al snel op: mijn jasje gaat er aan. Aan de mouwen zag ik al dat er wat stiksel losliet. Vanochtend viel me echter op dat het niet alleen het stiksel aan de mouwen is, maar ook aan de nek. Hier is het echter geen stiksel, maar lijm die loslaat. Ik vrees dan ook dat het “einde jasje” is.

Niet het eind van de wereld, maar wel zonde. Ik ben erg zuinig op mijn materiaal. Of ik gebruik het niet vaak genoeg, dat kan ook. Dit jasje heb ik gekocht in Antwerpen, ik meen in 2008…Da’s vrij lang geleden! Het is meegeweest naar Nepal, diverse keren de Alpen in, maar ook op allerlei zakenreizen, hardlopen en honden uitlaten. Ik hoop dan ook een goede vervanger te kunnen vinden.

Vaarwel, jasje. Je was een waardige reisgenoot…

Is de april-kou goed nieuws voor Europese gletsjers?

Het zal veel mensen niet ontgaan zijn: april 2021 is best wel koud. Feitelijk zelfs “zeer koud” tot nu toe. In absolute termen valt het nog mee: deze maand gaat niet eindigen in de top 10 koudste aprilmaanden sinds 1901. Maar april is de maand met de grootste opwarming sinds het begin van de metingen: bijna 2 graden warmer dan vroeger. In die zin is een maand met een negatieve afwijking van bijna 4 graden dus enorm groot.

Verder lezen Is de april-kou goed nieuws voor Europese gletsjers?

Fietsvakantie: voorbereidingen

Gister zijn we met de kinderen even lekker op pad geweest: een fietstochtje naar een speeltuin een paar km verderop. Via een omweg was het bijna 10km heen en 6,5km terug. Niet superspannend, niet omhoog en niet omlaag. Maar het was wel druk onderweg. Enfin, de 2 dochters in de bakfiets (met 2 wielen, en zónder elektrische trapondersteuning) en vrouwlief als “motor”. Mijn zoon & ik op de racefiets met aanhangfiets.

Het ging niet hard, een kilometertje of 12 per uur gemiddeld. Voor mij en mijn zoon is dat erg langzaam, maar wij hoefden dan ook geen bakfiets met >20kg extra gewicht vooruit te duwen. Maar het is wel een goede voorbereiding: in de meivakantie gaan we een aantal dagen op fietsvakantie. Ik, mijn zoon (5) en oudste dochter (2). Vrouwlief en jongste dochter blijven thuis. Alle bagage gaat in de bak van de bakfiets, mijn dochter gaat ook in de bak. Het plan is om de aanhangfiets aan de bakfiets te hangen, maar dat moeten we nog even uitproberen. De totale combinatie wordt dan meer dan 4 meter lang en dat betekent dat voornamelijk oversteken en krappe bochten een uitdaging worden.

Maar de kinderen kijken er al wel naar uit, voor zover mijn dochter natuurlijk vooruit kan denken. Maar mijn zoon snapt het wel, en die heeft er al wel zin in. Al wil hij het liefst in de bergen fietsen, maar dat gaat me nog nét iets te ver…

Kwart over zeven op donderdagavond

Het was kwart over zeven op donderdagavond. De 2 oudste kinderen liggen in bed, vrouwlief zit op de bank met onze jongste dochter (2 maanden).
Ik ga nog even hardlopen en ben al omgekleed. Hartslagmeter om, Garmin Vivoactive opgeladen en even naar het bos rijden. Ik woon vlakbij het Reichswald (Duitsland), waar de heuvels tot 100m de lucht in gaan. “Mijn” stukje over de grens gaat iets minder hoog, een metertje of 60 tov. waar ik begin.
Ik parkeer de auto op het zandweggetje en begin langzaam te rennen. Richting het hek, welke de grens met Duitsland markeert. Ik open het hek, ik ren verder. Het gaat zoals altijd eerst even zwaar. In 300 meter ga je hier 15 meter omhoog. Een stijgingspercentage van 5%. Niet heftig, maar op de koude benen voel je het wel. De ademhaling schiet omhoog, evenals de hartslag. Heerlijk.
Ondertussen hoor ik de vogeltjes fluiten en roepen. Een Gaai gooit er een waarschuwingskreet uit, mereltjes en meesjes blijven onverstoorbaar verder zingen. Af en toe ritselt er iets door de struiken en bladeren. Tussen de bomen door probeer ik de open plekken op te kijken: zijn er nog herten of zwijnen? Want dat is hier soms nog spannend. In tegenstelling tot de Veluwe, waar het zien van herten en/of zwijnen op dit tijdstip een zekerheidje is als je de weg kent, is dat hier altijd weer afwachten. Ik denk dat ik ze in 10% van de gevallen zie. Maar niet vandaag. Wel vliegt er af en toe een grote buizerd door het bos. Het blijft bijzonder hoe deze enorme roofvogel zo behendig tussen de bomen door kan vliegen. Magnifiek. Geen geroep van de buizerd vandaag: hij is op jacht en geen territorium aan het afbakenen.
Wie wel een territorium aan het afbakenen is, is de Grote Bonte Specht. Op diverse plekken in het bos hoor ik ze hameren. Soms alleen, soms als antwoord op de ander. Ik loop langs de meertjes/vennetjes waar later in het jaar de kikkers zitten te kwaken en de vleermuizen op jacht gaan. De heuvel op, verder en hoger tot ik uiteindelijk de top bereik. 10 meter omhoog in 140 meter: 7.1%. Klein gemeen kuitenbijtertje.
Er staan nog maar weinig bomen in het blad. De natuur is laat. Maar het was weer een mooi avondrondje. Het was maar 6 km, maar het is beter dan op de bank zitten. Het is ook het bewijs dat je prima in je eigen omgeving van het buitenleven kunt genieten. Ik ben exact 0 andere mensen tegengekomen op deze doordeweekse avond. Op naar de volgende!