Tientallen doden door moesson in Nepal

De moesson kost ieder jaar levens in Nepal en India, zo ook dit jaar. Beelden van overstromingen in Kathmandu in het centrum van het land, maar ook in berggebieden verder naar het oosten en iets naar het westen zijn getroffen.
De moesson start traditioneel in het oosten en trekt naar het westen. Feitelijk is de moesson een trog van lagedruk die ontstaat boven het Tibetaanse hoogland: de temperatuur boven de hooglanden loopt hoog op en hierdoor ontstaan er stijgende luchtstromen. Die stijgende lucht is lagedruk en zuigt warme, vochtige lucht aan vanaf India en de Indische oceaan en golf van Bengalen. De Himalaya dwingt de lucht om op te stijgen en te condenseren: regen en in het hooggebergte sneeuw is het gevolg.
Helaas lijdt dit fenomeen dit jaar al tot 47 doden en heel veel andere ellende.

Aanzienlijke hitte in de Alpen en Pyreneen

Het kan je nauwelijks ontgaan zijn: Europa zucht onder een hittegolf die nauwelijks gekend is – en zeker niet zo vroeg in het jaar. Vandaag is het juni-record verbroken in Frankrijk. Dit record was 41.5C en vandaag is op maar liefst 3 plekken dit record verbroken met als absolute topper Montclus in het zuid-oosten van Frankrijk.
Ook in Italië was het heet, met in Aosta 40C. Een opmerkelijke waarde, als je bedenkt dat Aosta op bijna 600m hoogte ligt. Het vorstniveau ligt momenteel dan ook rond de 5000m, wat inhoudt dat het zelfs boven op de top van de Mont Blanc niet vriest. Op deze hoogte is nauwelijks sprake van een dagelijkse gang in temperatuur, waardoor het ook in de nachten dooit. Sneeuw verdwijnt momenteel razendsnel uit het hooggebergte. Voorlopig lijkt de warmte (in afgezwakte vorm) nog wel aan te houden en is er in ieder geval geen sprake van een echte verandering.
Op de Grossglockner in Oostenrijk is inmiddels ongeveer 60% van de wintersneeuw van het gletsjeroppervlak gesmolten. 60% wordt door gletsjeronderzoekers aangehouden als grens bij welke een gletsjer groeit of krimpt. Dit houdt in dat zolang 60% bedekt is met sneeuw, een gletsjer netto niet afsmelt. Deze waarde is nu (volgens mijn inschatting, zie hieronder een screenshot van de webcam ter plaatse) reeds bereikt, met nog 3 tot 3,5 maand smelt te gaan. De relatief donkere foto is van zojuist (27 juni, 19:30), de andere foto is van 24 juni. Hier heeft de hitte relatief veel meer impact. Daar waar het op de top van de Mont Blanc ongeveer 2 graden boven 0 is, geldt dat het op de Grossglockner bijna 10 graden boven 0 is: de Grossglockner is immers ruim 1000 meter lager dan de Mont Blanc en bijgevolg is dat het daardoor ook ruim 6 graden warmer is. Ook in Oostenrijk ligt de vorstgrens namelijk royaal boven de 4500 meter (een fractie koeler dan in Frankrijk), maar de top van de Grossglockner is van rots en de Mont Blanc van ijs, wat op zichzelf al een stuk opwarming voorkomt.
De komende weken en maanden hou ik het in de gaten – het blijft boeiend, al zit niemand te wachten op het verdwijnen van gletsjers of het optreden van landverschuivingen zoals in eerdere warme zomers.


Huttenopening: begin van zomerseizoen

Traditiegetrouw zijn de meeste (hoog)alpiene (zomer)hutten geopend voor het seizoen. Zelf was ik helaas iets te vroeg in de alpen, namelijk begin juni in Oostenrijk. Destijds viel er niets te hiken: de sneeuw was nog dermate veel aanwezig, dat hiken alleen plezier opleverde als je sneeuwschoenen en een volledige eigen uitrusting meedroeg.

Inmiddels is die situatie verbetert: vrijwel overal in de Alpen (van oost naar west) is de sneeuw aanzienlijk gesmolten. Tot ongeveer 2000m zijn de meeste paden redelijk tot goed begaanbaar. Kom je daarboven, of op een noordhelling, dan is die situatie heel anders. Zo is op de webcam van de Casermetta Val Veny (ten zuiden van Courmayeur, op de noordhelling van de Col de la Seigne) nog een aanzienlijk sneeuwdek te ontwaren.

Casermetta Val Veny, noordhelling Col de la Seigne. Hier is nog goed te zien hoeveel sneeuw er ligt.

Ook het officiële meetpunt boven Chamonix, de Aiguilles Rouges, meldt nog 45cm sneeuw op 2250m hoogte. Dit betekent dat in het hooggebergte momenteel 4 beperkingen zijn:

  • Sommige paden zijn nog onbegaanbaar vanwege de sneeuw
  • Smeltwater leidt tot goed gevulde bergrivieren
  • Veel bruggen zijn nog niet geplaatst door de lokale Alpenverenigingen
  • Blootgestelde hellingen hebben te maken met lawines als gevolg van de smeltende sneeuw en loszittende rotsen.

Door dit laatste is een aantal hogere bergpassen (voor auto’s) nog altijd afgesloten in Zwitserland en maakt hoger gelegen meertjes en passen (zoals bijvoorbeeld de Grand Ecaille bij de Vallee des Glaciers) nog onbegaanbaar.

Met vorstniveau’s rond de 3900m (3800m Mont Blanc, 3900m Piz Bernina, 3800 Grossglockner) aankomende week zal het echter aangenaam weer zijn en zal veel sneeuw smelten. De kans op buien van convectief karakter is rondom de pieken wel dagelijks aanwezig.

Prachtig weer in de Alpen

Het is het begin van de zomer. Ik zit op een (familie)camping in Zell am See. Zo’n camping waarvan je vroeger zei: dat doe ik nooit! Met vrouw en 2 kinderen. En het bevalt helemaal prima, al vind ik zelf een wat spartaanser verblijf prima en loop ik liever de Grossglockner op dan naar het uitzichtpunt te rijden.
Maar lopen en klimmen is hier, behoudens sneeuwschoentochten, sowieso niet te doen. Op de noordhellingen ligt boven de 1500m nog volop sneeuw. Op de Hochalpenstrasse moesten we zelfs even wachten tot een mensgemaakte lawine was opgeruimd.


Bishorn – noordgraat van Weisshorn

De Bishorn, gezien vanaf het noorden onderweg naar de Turtmannhut.
Feiten
»Gelegen: Wallis, Zwitserland
»Hoogte: 4153 meter
»Eerst beklommen door: G. S. Barnes, R. Chessyre-Walker
»Jaar: 18 augustus 1884

De Bishorn is het kleine broertje (subtop) van de Weisshorn en ligt net ten noorden hiervan boven het Matterdal in het Zwitserse kanton Wallis. De Bishorn heeft aan de noordkant twee forse gletsjers: de Turtmann-gletsjer en de Brunegg-gletsjer. De laatste heeft zijn naam te danken aan de Brunegghorn (3833m). Aan de oostzijde ligt de veel steilere Bisgletsjer, een hanggletsjer die gedeeltelijk gevoed wordt door de Weisshorn.

Feitelijk ligt de Bishorn op dezelfde graat als de veel hogere Weisshorn en lijkt eerder een onderdeel te zijn van de Weisshorn dan dat het een aparte top vormt. De Bishorn wordt voornamelijk gebruikt om te skiën, of om naar de Weisshorn te gaan vanaf de Tracuithut. De normaalroute naar de top is niet erg lang en vrij eenvoudig. Deze duurt voor de gemiddelde klimmer nauwelijks 2.5 uur.

Dit maakt de Bishorn natuurlijk populair voor 4000+-verzamelaars, maar weinig uitdagend voor de geoefende klimmer. Dat gezegd hebbende: de hoogste bergen van de Alpen (nagenoeg alle vierduizenders) zijn zichtbaar vanaf de Bishorn en daarmee is het uitzicht spectaculair. Het is wel belangrijk om kennis te hebben van gedragingen op gletsjers, want deze moeten wel getraverseerd worden.

Hoe kom ik daar?

Het makkelijkst is om te reizen via de Zinal-vallei. Hier is openbaar vervoer (het uitstekende bussensysteem van Zwitserland) tot in Zinal. De standaardroute verloopt via de Cabane de Tracuit (Tracuit-hut) op 3250m.

Een andere optie is via Oberems, maar deze route is langer en moeilijker te bereizen door de afwezigheid van openbaar vervoer daar: je kunt met de trein tot aan Turtman, en vanaf daar met de kabelbaan naar de grotendeels verlaten Turtmann-vallei. Hier loop je eerst naar de Turtmannhut (2519m), vroeger gelegen aan de voet van de Turtmanngletsjer.

Bekijk ook:
Stijgijzers
Pickel en ijsbijl
Matterdal
Vierduizenders in de Alpen